|
|
Giro d'Italia 2008 |
|
| |
|
|
| |
Rit 1: Slipstream opent Ronde van Italië
De wielerwereld richtte vandaag haar ogen op Sicilië, het zuidelijkste deel van Italië, bekend als 'het driehoekseiland' en berucht om haar vulkanen en voetbalploeg Palermo. In die stad werd vandaag de eenennegentigste editie van de Giro d'Italia op gang geschoten. Dat met voor de tweede keer op rij een ploegenproloog, over een vrij technisch en glooiend parcours van 23,6 kilometer. Favorieten om de eerste roze trui in de wacht te slepen waren Team Slipstream, Team CSC, Astana en Tinkoff Credit Systems.
De eerste ploeg die van start ging was Team Milram. De Duitse ploeg klokte 27'17", maar werd meteen van de tabellen geknokt. Tinkoff maakte haar status waar en kwam binnen na 27'05. Vijf ploegen later moesten ook zij echter het hoofd buigen. Topfavoriet Slipstream had de besttijd opnieuw bijgesteld, en hoe. De Amerikaanse ProContinentale formatie verpulverde alles en iedereen en deed maar liefst drieeëndertig seconden beter dan het Russische team.
Ook Astana kwam te kort en gaf een kleine halve minuut toe op de troepen van Jonathan Vaughters. Op het moment dat iedereen dacht dat de winnende ploeg al bekend was, werd Slipstream aan de tussenpunten weer volop bestookt. Team CSC, Barloworld en Team High Road klokten stuk voor stuk de beste tussentijden, maar werden in het tweede gedeelte stuk voor stuk overvleugeld door het Amerikaanse tijdrijdersteam. Ook Liquigas en LPR-Brakes deden het meer dan aardig, maar vormden geen bedreiging meer voor Christian Vandevelde en co. De bijna 32-jarige Amerikaan kwam als eerste over de streep en hield daaraan de maglia rosa over. Het mooiste moment in de carrière van de voormalige CSC-renner, die dit jaar ook al de tijdrit in het Circuit Cycliste de la Sarthe won.
Morgen meteen al een pittige etappe waarin sprinters weinig of geen kans maken. De Girokaravaan trekt immers van Cefalù naar Agrigento over een afstand van 207 heuvelachtige kilometers.
Wim Van Vlierberghe
Rit 2: Riccò pakt de ritzege in Agrigento
De tweede rit in deze Giro d'Italia, de eerste in lijn, was er meteen al een van een pittig kaliber. Na de start in Cefalu' volgden tweehonderdenzeven heuvelachtige kilometers, die doen denken aan een Ardens parcours. De laatste twintig kilometer werden verreden in Agrigento, waar ook de aankomst lag na een stevige helling. Sprinters moesten dus nog minstens één dag wachten, vandaag waren de heuvelspecialisten aan de beurt.
Geen koers zonder een traditionele vroege aanval, zo dachten ook David Loosli en Jérémy Roy erover. In tegenstelling tot Dionisio Galparsoro (Euskaltel) wisten de Zwitser van Lampre en de Fransman van Française des Jeux wel weg te geraken van het peloton, om een voorsprong uit te bouwen van meer dan tien minuten. Tot er een kink in de kabel kwam. Roy bleek een pak minder en was al blij dat hij Loosli kon bijbenen. Die stond er dus vrijwel alleen voor, waarna zijn ploegleider hem beval de benen stil te houden. Tientallen kilometers werkte het koppige duo af aan een toeristentempo, waardoor ze nog voor de finale in zicht was alweer bijgebeend werden door de grupetto.
Onderweg was die David Zabriskie al verloren. De Amerikaanse tijdritkampioen kwam lelijk ten val, kon niet meer verder en moest met een draagberrie afgevoerd worden. Ondertussen bleven zijn ploegmaats van Team Slipstream, die met Christian Vandevelde de klassementsleider in hun rangen hadden, het tempo hoog houden.
Op een vijftiental kilometer van het einde werd een eerste keer de beklimming naar Agrigento aangedaan. Aanvalspogingen werden nog niet ondernomen, maar achteraan het peloton stond de deur wel open. Goed zeventig man stevende af op de tweede passage, die zou beslissen wie zich vandaag ritwinnaar mocht noemen.
Het LPR van Danilo Di Luca en het Serramenti van Gilberto Simoni stormden de flanken op. De groep dunde zienderogen uit, op een kilometer van het einde barstte de hel los. Joaquím Rodriguez, de Spaanse kampioen van Caisse d'Epargne, nam met een fantastische tempoversnelling meteen lengtes voorsprong op een select groepje met verwachte namen. Rodriguez leek op weg om zijn kunstje uit de jongste Tirreno-Adriatico over te doen, ware het niet dat Paolo Savoldelli er alles aan deed het verschil niet te groot te laten worden. Hij bracht kopman Di Luca weer in stelling op honderd meter van het einde.
Maar 'The Killer' werd voorbijgesneld door Riccardo Riccò. De vierentwintig jaar jonge Italiaan hield zijn inspanning ruimschoots vol en mocht het zegegebaar maken. Di Luca werd tweede, Davide Rebellin (Gerolsteiner) strandde als derde. Franco Pellizotti viel net naast het podium, maar de Liquigasrenner pakte genoeg voorsprong op Vandevelde en mocht achteraf de maglia rosa om zijn lenden hangen.
Wim Van Vlierberghe
Rit 3: Bennati sprint naar eerste Giroritzege
De derde rit in de Giro d’Italia werd in het bekende Catania van start geschoten. Met twee man minder, nadat Igor Astarloa en David Zabriskie in de vorige etappe noodgedwongen opgaven, vertrok het peloton rustig. Na enkele speldenprikken mochten zes coureurs gedurende de gehele middag zichzelf en hun sponsoren in de kijker rijden. Wie anders dan Pavel Brutt, de aanvalszieke Rus van Tinkoff Credit Systems, was een van de aanstichters. Samen met Mickäel Buffaz (Cofidis), opnieuw Jérémy Roy (Française des Jeux), Riccardo Chiarini (LPR Brakes), Matej Jurco (Milram) en de jonge Belg Kevin Seeldraeyers (Quick Step) sloeg hij de handen ineen en al snel bereikte het zestal een voorsprong van een minuut.
Het sextet liep uiteindelijk tot bijna drie minuten uit. Het was vooral Liquigas, de ploeg van leider Franco Pellizotti, dat het tempo aan de kop van het peloton maakte. Terwijl enkele regendruppels op de ruggen van de renners begonnen neer te dalen, werd het peloton opgeschrikt door een massale valpartij. Onder andere Riccardo Riccò (Saunier Duval), André Greipel (High Road) en Dominique Cornu (Silence-Lotto) smakten tegen het asfalt, maar zij vervolgden hun weg al snel.
Liquigas bleef het tempo bepalen, maar kreeg met een goede veertig kilometer voor de wielen steun van sprintersploegen als Silence-Lotto en High Road. Net als gisteren werden de vluchters ruim voor de finish gegrepen, ditmaal was het liedje uit op 27 kilometer voor de witte kalklijn in Milazzo. Kort na de hergroepering was er wederom paniek in de grote meute. Vasil Kiryienka schatte een bocht verkeerd in en moest corrigeren. Er lag echter veel stof, de Wit-Rus van Tinkoff verloor de controle en smakte tegen de grond. Zijn fiets bleef echter liggen en zorgde er zo voor dat ook onder andere Graeme Brown (Rabobank), Magnus Backstedt (Slipstream) en Bradley McGee (CSC) ten val kwamen. Laatstgenoemde gaf even later op.
Nadat het peloton weer was gehergroepeerd, ontbond Andrea Tonti zijn duivels. De Italiaanse 'Quickstepper' sloeg een groot gat, maar zag zijn poging niet veel later weer stranden. Antonio Colom (Astana) volgde het voorbeeld van Tonti, maar werd al snel gecounterd door de jonge Vicenzo Nibali. De Siciliaan uit de rangen van Liquigas probeerde voor eigen volk een dubbelslag te realiseren, maar dat werd hem niet gegund. De sprintersploegen wisten de organisatie weer op touw te zetten, pogingen van Jurgen Van den Broeck (Silence-Lotto) en Lilian Jégou (Française des Jeux) haalden niets meer uit.
De kronkelende wegen van Milazzo maakten er een chaotische massasprint van. Een kwak hier en een duw daar zorgden ervoor dat wereldkampioen Paolo Bettini (Quick Step) en favoriet Robbie McEwen (Silence-Lotto) niet meer in aanmerking kwamen voor de zege. Wie dat wel deed was Daniele Bennati. 'La Pantera' maakte zich los en bezorgde Liquigas na de roze trui van gisteren ook etappewinst. Een rits Duitser - Erik Zabel (Milram), Danilo Hondo (Serramenti) en Thomas Fothen (Gerolsteiner) - bezette de dichtste ereplaatsen. Tinkoffsprinter Alberto Loddo geraakte ingesloten en werd vijfde. In het klassement veranderde niets opmerkelijks, Pellizotti start ook morgen in het roze.
Stefan Bosson
Rit 4: Cavendish wint voor het eerst in Italië
De vierde rit van ‘La Corsa Rosa’ speelde zich niet meer op Siciliaans grondgebied af, maar op het Italiaanse vasteland. Gisteren na de aankomst in Milazzo stak het peloton de Straat van Messina over, richting Calabrië. In Pizzo Calabro werd de rit vanmiddag op gang geschoten. Na 183 kilometer was de streep in Catanzaro Lungomare getrokken. Het parcours was gelijkaardig aan gisteren, maar toch een tikkeltje zwaarder. De eerste helling van de dag was op papier slechts van derde categorie, maar de Passo di Pietra Spada was in de praktijk veel zwaarder.
Daar kwam ook Rik Verbrugghe snel achter. De Belg van Cofidis ging er al meteen na de start vandoor. De verhoopte versterking kwam er niet, maar toch zette hij door. Het peloton liet begaan en Verbrugghe had op de top van Pietra Spada al tien minuten bij elkaar gefietst. Zijn landgenoten Dominique Cornu (Silence-Lotto) en Tom Stubbe (Française des Jeux) hadden inmiddels de remmen al dicht geknepen. Ook in de aanloop naar de laatste hindernis van de dag bleef de voorsprong van Verbrugghe intact, de Belg had blijkbaar zijn zinnen op deze rit gezet en doseerde zijn krachten goed.
Maar op vijftig kilometer van de streep riepen de sprintersploegen toch alle hens aan dek. De tijd begon stilaan te dringen als ze de drievoudige ritwinnaar nog wilden bijhalen. Toen de ex-rozetruidrager aankomstplaats Catanzaro voor zich zag opdoemen bedroeg de kloof nog een kleine zes minuten, maar toen wachtte nog een lastig ommetje in de Zuid-Italiaanse stad. De moedige Verbrugghe moest nog een klimmetje van enkele kilometers overwinnen, en dat nekte hem. Het peloton legde er duchtig de pees op, de explosieve renners schoven naar voor. Onder impuls van Quick Step, in dienst van Paolo Bettini, werd Verbrugghe net na de top bijgehaald.
Met nog een kleine twintig kilometer te gaan was het peloton verre van voltallig. Enkele groepjes, met daarin de snelle mannen die hadden afgehaakt, keerden echter snel terug. Op een zoveelste knikje ging Kevin Seeldraeyers (Quick Step) nog eens aan de boom schudden. De Belg werd meteen weer bijgehaald, waarna ploegmaat Bettini een klein bommetje gooide. De schuchtere pogingen werden echter afgebroken toen Team High Road het commando overnam. Mark Cavendish wilde zijn mislukte sprint van gisteren rechtzetten. Ook Lampre, in dienst van Mirco Lorenzetto, stak een handje toe. Een sprint leek onvermijdelijk.
In de laatste rechte lijn leek alles vlot te verlopen tot Nick Nuyens, die ook goed geplaatst zat, aangetikt werd en zwaar ten val kwam. Het domino-effect deed helaas haar werk en zorgde weer voor een massaval. De spurters die eraan ontsnapt waren maalden er niet om. Team Milram trok de sprint aan voor Erik Zabel, maar de leider in het puntenklassement, Daniele Bennati, ging weer als eerste aan. De Italiaan van Liquigas greep echter naast een tweede ritzege op rij, hij werd geremonteerd door Mark Cavendish. Ook Robert Förster eindigde nog net voor ‘Il Pantera’. Franco Pellizotti behoudt het roze, de onfortuinlijke Nuyens werd afgevoerd naar het ziekenhuis. Ook aan deze Giro komt vroegtijdig een einde voor de Belg van Cofidis.
Willem Van der Jeught
Rit 5: Brutt eindelijk beloond voor aanvalsdrift
In de 203 kilometer tellende rit van Belvedere Marittimo naar Contursi Terme werd er al erg vroeg aangevallen. In noordelijke richting koersend trok Magnus Bäckstedt (Slipstream) al vanaf de eerste kilometer in de aanval. In tegenstelling tot gisteren was dit niet de beslissende vlucht. Nadat 'Magnus Maximus' was bijgehaald, trokken Luis Felipe Laverde Jimenez (CSF Navigare), Theo Eltink (Rabobank) en Johannes Fröhlinger (Gerolsteiner) erop uit. Ook dit drietal leek snel ingehaald te worden. Dat was reden genoeg voor Eltink om zich te laten inlopen door het peloton. Hij had zich verkeken, want een tegenaanval van Pavel Brutt (Tinkoff) en David Millar (Slipstream) zorgde voor een ander verloop. De twee duo's kwamen bij elkaar en vormden de kopgroep. Daar kwam echter nog een renner bij toen de Spanjaard Francisco Perez Sanchez (Caisse d'Epargne) solo naar de vier vluchters reed.
De groep van vijf kreeg een maximale voorsprong van vijf minuten en negentien seconden. De renners stonden allen binnen twintig plaatsen van elkaar in het algemeen klassement. Perez Sanchez was de best geplaatste op net geen twee minuten van de roze trui. Geen gevaar dus voor de leider in het algemeen klassement. Liquigas hield het tempo toch strak om Pellizotti's roze trui veilig te stellen. Valpartijen waren er vandaag gelukkig maar weinig. Jurgen Van Den Broeck (Silence-Lotto) dook nog even in een wild begroeide greppel, maar kwam hier zonder schade weer uitgeklauterd. Hij kwam er beter van af dan Nick Nuyens (Cofidis) die na zijn val van gisteren niet meer aan de start verscheen.
De voorsprong van de leiders liep ondertussen langzaam terug. Waar op vijfendertig kilometer voor het einde de voorsprong nog vier en een halve minuut bedroeg was deze op vijftien kilometer voor het aankomst nog maar net twee minuten. Aangezien de laatste drie kilometer nog flink omhoog liep aan een gemiddeld stijgingspercentage van 5,5% was het een dubbeltje op z'n kant voor de vluchters. Het peloton nam echter geen risico meer in de regen en de vluchters mochten dus voor de podiumplaatsen gaan strijden. De eerste demarrage kwam van Fröhlinger die van op de kop aanging. Brutt sprong echter snel naar zijn wiel, waardoor de aanval werd gestopt. Perez Sanchez beproefde op vijftienhonderd meter van de streep op zijn beurt zijn geluk. Millar was deze keer degene die het plan dwarsboomde.
De Schot zijn materiaal liet het echter onder de vod van de laatste kilometer afweten waarop hij zijn fiets in volle razernij de ravijn ingooide. Ondertussen had Pavel Brutt zijn beslissende demarrage al geplaatst. Er werd veel te laat gereageerd door Fröhlinger, Laverde en Perez Sanchez. Fröhlinger wist het verschil nog enigszins goed te maken, maar kon Brutt niet meer bijbenen. De renner van Tinkoff zag eindelijk een van zijn vele aanvallen slagen. Juichen was er amper bij voor de zesentwintigjarige Rus. Hij had alles gegeven en kon amper nog zijn arm optillen om zijn zege te vieren.
Achter hem kwamen Fröhlinger, Laverde en Perez Sanchez verslagen binnen. Het peloton had toch nog veel goedgemaakt op de vluchters in de laatste klim. Op slechts eenendertig seconden van de winnaar won Paolo Bettini (Quick Step) de sprint van het peloton. De roze trui van Franco Pellizotti kwam dus niet meer in gevaar.
Jelle Berghuis
Rit 6: Priamo wint zesde rit in de Giro
Ondanks het schrappen van de plaatselijke ronde werd vandaag de langste etappe van deze Giro verreden. Deze zesde rit werd afgewerkt tussen Potenza en Peschichi over een parcours dat 231 kilometer telde. Het koersverloop kreeg kleur door Rene Mandri (Ag2r), Alan Perez Lezaun (Euskaltel) en Paul Martens (Rabobank) die wegsprongen uit het peloton. Een omvangrijk groepje wist hierbij aan te sluiten, waardoor een kopgroep van twaalf man ontstond.
Mandri kon helaas niet profiteren van de door hem begonnen vlucht. Na 76 kilometer viel hij letterlijk weg uit de kopgroep en moest hij opgeven met een gebroken rib en een geperforeerde long. Hierdoor bleven de volgende renners in de kopgroep over: Maxim Iglinsky (Astana), Giovanni Visconti (Quick Step), Matthias Russ (Gerolsteiner) Matteo Priamo (CSF Group), Nikolai Trussov (Tinkoff), Francesco Gavazzi (Lampre), Daniele Nardello (Serramenti), Magnus Bäckstedt (Slipstream), Jason McCartney (Team CSC) en de eerder vermeldde Perez en Martens.
Het peloton liet de vluchters begaan, waardoor zij uitzicht kregen op de roze trui. Russ stond er van het beste voor in het algemene klassement met zeven seconden voorsprong op Visconti. Saunier Duval hield de voorsprong nog enigszins beperkt, maar het was duidelijk dat de volgende dag een van deze twee renners in de Maglia Rosa zou starten.
Een kleine tien kilometer voor de finish werd de rust in de kopgroep verstoord door McCartney. Maar zoals zo vaak was de eerste aanval niet de winnende. Perez en Priamo gingen hierna op de Bosco della Risega in de aanval. De rest van de renners konden op het stuk bergop niet volgen. Bäckstedt deed nog een poging om solo naar de twee toe te rijden, maar dit mislukte. Ook in de klim naar de finish kon niemand het gat met de twee dichtrijden.
In de sprint met twee ging Priamo van kop af aan en Perez kon slechts in zijn kielzog volgen. De Italiaan, die dit jaar ook al twee etappes in de ronde van Turkije won, wist zo de grootste overwinning uit zijn carrière binnen te slepen. Het werd een Italiaans feestje, doordat Visconti de zeven seconden op Russ precies goed wist te maken in het slotklimmetje. Doordat zijn uitslagen in de vorige ritten beter waren dan die van de Duitser mocht hij het podium op om zich in het roze te steken. Het peloton kwam uiteindelijk op 11'34" van de winnaar binnen. Daniele Bennati (Liquigas) wist nog wat punten te sprokkelen voor het puntenklassement waarin hij de leider blijft.
Jelle Berghuis
Rit 7: Bosisio wint na lange ontsnapping in Giro
Een groep van zeven renners reed vroeg in deze rit tussen Vasto en Pescocostanzo weg uit het peloton. Daarbij onder andere de kleine Emanuele Sella uit de CSF-ploeg, die met zijn demarrage vooral opzoek ging naar punten voor het bergklassement.
In de achtergrond gingen enkele renners, waarbij de Belg Jurgen Van den Broeck (Silence) in de tegenaanval. Oorspronkelijk maakten zij deel uit van een groep van dertig renners, die grotendeels teruggefloten werd door het peloton. Samen maakten ze een sterke indruk, maar de sprong naar de leiders zouden ze nooit maken.
Aan de voet van de Rionero Sannitico, een beklimming van eerste categorie, bedroeg de voorsprong van de leiders nog drie minuten. Even leek hun werk voor niets geweest, maar in de afdaling liepen Sella, diens ploegmaat Fortunato Baliani, Vasil Kiryienka (Tinkoff), Gabriele Bosisio (LPR) en Félix Rafael Cardenas (Barloworld) toch weer uit.
Op de Pietransieri trok de LPR-ploeg van Danilo Di Luca alles open. De kopman ging vervolgens zelf in de aanval. Alleen Riccardo Riccò (Saunier Duval), diens ploegmaat Leonardo Piepoli en Alberto Contador (Astana) konden het tempo van ‘the Killer’ volgen. De andere favorieten zouden uiteindelijk meer dan een minuut verliezen.
Voor de ritzege kwamen Di Luca en zijn kompanen niet meer in aanmerking. Nog voor de gevreesde aankomst, namelijk een helling van drie kilometer lang, viel de rit in een beslissende plooi. Bosisio liet zijn medevluchters op negen kilometer van de streep achter zich en reed solo naar de zege. Kiryienka werd vijftig seconden later tweede voor Sella, die in de finale lek reed en daardoor zeer ontgoocheld was met de derde plaats.
In het klassement wint Giovanni Visconti (Quick Step) negen seconden tegenover Matthias Russ (Gerolsteiner). Bosisio volgt op vijf minuten, Di Luca springt naar de vierde plaats en volgt op meer dan zeven minuten van de Italiaanse kampioen.
Niels De Wit
Rit 8: Riccò klopt weer op tafel
Rivisondoli, zo klonk de startplaats van de achtste etappe in deze Giro d'Italia. Tweehonderdenacht kilometer of een zevental beklimmingen later werden de 183 overgebleven renners verwacht in Tivoli. De aankomst lag op de hellende Piazza Garibali, waar ook Tirreno-Adriatico en de Giro del Lazio in het verleden de streep plaatsten. Een ideale gelegenheid voor Riccardo Riccò, Davide Rebellin en de andere Danilo Di Luca's van deze wereld om een etappe in de wacht te slepen.
Een vroege vlucht was echter ook niet kansloos, en dat hadden Alessandro Spezialetti (LPR Brakes), Mathieu Perget (Caisse d'Epargne), Fortunato Baliani (CSF Group), Adam Hansen (High Road) en wat later Daniele Nardello (Serramenti) maar al te goed begrepen. Het kwintet sloeg na veertig kilometer de handen in elkaar en bouwde een voorsprong uit van dik zes minuten. In de achtergrond zorgde een schuiver van Alberto Contador ondertussen voor opschudding. De Spaanse medekopman van Astana wist zich ondanks de pijn weer in de grupetto te handhaven, maar voor ploegmaat Steve Morabito liep het minder goed af. De Zwitser was ook betrokken in die valpartij en kon de wedstrijd niet meer hervatten.
De rit werd aan een moordtempo afgewerkt. De vluchters bereikten rond vier uur al de laatste twintig kilometer, maar met nog slechts een kleine twee minuten voorsprong op het grote pak. Quick Step en Saunier Duval leidden de achtervolging, tien kilometer verderop hadden ze al vier renners bij de kraag gevat. Enkel Hansen rekte zijn inspanning en bleef lange tijd een halve minuut voor de rest uitrijden. Maar ook de Australische tijdritkampioen moest uiteindelijk het hoofd buigen, op minder dan drie kilometer van het einde. Aanvalspogingen van Tiziano Dall'Antonia (CSF Group) en Frantisek Rabon (High Road) op de flanken van de slotklim werden eveneens vroegtijdig de mond gesnoerd.
Berggeit Leonardo Piepoli hield het tempo hoog, in de hoop kopman Riccò in een zetel naar de streep te loodsen. De sprint werd echter van achteren uit ingezet door Danilo Di Luca. De titelverdedig van LPR Brakes hing een paar tellen voordien nog achteraan het uitdunnende peloton na een fietswissel, maar hoopte met een verrassingsaanval de zege weg te kapen. Riccò reageerde echter op tijd, weerstond wereldkampioen Paolo Bettini (Quick Step) en Davide Rebellin (Gerolsteiner) in het wiel en pakte zijn tweede etappezege, nadat hij ook al in Agrigento mocht juichen. Het 24-jarige goudhaantje van Saunier Duval pakte zo twintig seconden bonificatie in het klassement, dat ook na vandaag in handen bleef van 'Quickstepper' Giovanni Visconti.
Wim Van Vlierberghe
Rit 9: Bennati wint derde massasprint in Giro
Na een paar pikante etappes kreeg de Girokaravaan met de negende rit weer een vlakke tocht voorgeschoteld. Civitavecchia was het decor voor het startschot, tweehonderdachttien kustkilometers richting noorden wachtte San Vincenzo de renners op. Yuriy Krivtsov (Ag2r) had er zin in en schoot al aanvallend uit de startblokken, drie kilometer verderop kreeg hij Mickaël Buffaz (Cofidis) als metgezel. Het duo bereikte na een klein uur een maximale voorsprong van meer dan tien en een halve minuut, vanaf dan begon verschil stelselmatig te verkleinen.
De sprintersploegen werkten gestaag aan de achtervolging, de wedstrijd kende een vrij rustig verloop. Tot Filippo Savini besloot erbij te gaan liggen. De 23-jarige Italiaan van CSF Group-Navigare kroop kreunend van de pijn weer recht, probeerde terug op de fiets te kruipen maar zag het nutteloze van de zaak in. Op dat moment was ploegmaat Emanuele Sella zijn leiding in het bergklassement nog wat aan het verstevigen, op de eerste van twee kuitenbijters.
De twee koplopers gingen het plaatselijke rondje van vierentwintig kilometer in met nog twee minuten voorsprong. Die smolt als sneeuw voor de zon op de laatste helling, waar opnieuw Sella in het gezelschap van wereldkampioen Paolo Bettini (Quick Step) en klassementsrenner Riccardo Riccò (Saunier Duval) het mooie weer maakte. Dat duo hield echter verstandig de benen stil, terwijl Sella op en over de vroege vluchters ging. Maar de berggeit van het voormalige Panaria vocht een gevecht uit tegen de bierkaai, en werd op tien kilometer van het einde weer bij de kraag gevat. De massasprint werd, ondanks een pijnlijke val van onder meer Bingen Fernandez (Cofidis), perfect ingeleid door de manschappen van Team High Road, Liquigas en Lampre.
De eerste versnelling werd geplaatst door Oscar Gatto. De jonge Italiaan van Gerolsteiner probeerde de grotere namen te verrassen, maar slaagde daar niet in. Daniele Bennati kroop naar het wiel, wachtte even en haalde vervolgens verschroeiend uit. De Italiaan van Liquigas deed professioneel de deur dicht voor Erik Zabel (Milram) en snelde naar de streep, waar als een duiveltje uit een doosje Bettini zijn wiel naast dat van hem smeet. De beelden maakten echter duidelijk dat 'La Pantera' met een banddikte de negende etappe op zijn naam schreef, goed voor zijn tweede overwinning in deze Giro. Landgenoot Giovanni Visconti (Quick Step) blijft aan de leiding van het klassement, dat na vandaag niet veranderde.
Wim Van Vlierberghe
Rit 10: Bruseghin doet kunstje van vorig jaar over
Daags na de eerste rustdag schotelde de Giro d'Italia een eerste individuele tijdrit voor. In Pesaro stond het startpodium opgesteld, na een glooiend parcours van bijna veertig kilometer werden de renners één voor één verwacht in Urbino. Deze tiende etappe werd vooraf uiteraard ook omschreven als de eerste échte indicatie over de machtsverhoudingen tussen de klassementsrenners.
De eerste renner die een richttijd neerzette was Tony Martin. De Duitse neoprof van High Road, die zich dit jaar eerder al profileerde als talentvolle tijdrijder, klokte met 58'54" een tijd waarop velen hun tanden stuk beten. Het was anderhalf uur wachten tot Astanarenner Vladimir Gusev als eerste onder Martins tijd dook. De Russische kampioen stelde de tijd acht seconden scherper, maar kon daar niet lang van genieten. Marco Pinotti, onderweg goed voor fantastische tussentijden, deed maar liefst anderhalve minuut beter dan de Rus. De 32-jarige Italiaan, die zich na het dopinggeval rond Luca Ascani nationaal tijdritkampioen mag noemen, leek goed op weg om Team High Road een tweede ritzege te schenken, na het succes van Mark Cavendish in de vierde etappe.
Dat was echter zonder Marzio Bruseghin gerekend. De bijna twee jaar oudere landgenoot van 'Pino' werkte zich tijdens de tweede helft van de wedstrijd hoger op in de tussentijden, en aan de laatste tijdsopname was hij al twintig seconden beter. Na een krachtige sprint in de steile laatste halve kilometer klokte hij 56'41", niet minder dan 36 seconden scherper dan Pinotti. Topfavoriet Andreas Klöden (Astana) moest met een achterstand van twintig seconden het hoofd buigen voor 'de Ezelkweker', en ook diens ploegmaat Alberto Contador moest ondanks d beste laatste tussentijd een achttal seconden toegeven. Voor de glunderende Bruseghin is dit zijn derde zege bij de profs, na de Italiaanse tijdrittitel in 2006 en de klimtijdrit uit de vorige Giro veroverd te hebben.
Giovanni Visconti reed naar een knappe twaalfde plaats, waardoor de klassementsleider uit de rangen van Quick Step de maglia rosa strakker aantrekt ten opzichte van Matthias Russ (Gerolsteiner). Achter hun ruggen deden naast Bruseghin, Klöden en Contador ook Denis Menchov (Rabobank), Vincenzo Nibali (Liquigas) en een verrassend sterke Gilberto Simoni (Serramenti) goede zaken. Opvallende tijdverliezers waren Riccardo Riccò (Saunier Duval), Franco Pellizotti (Liquigas) en Danilo Di Luca (LPR Brakes). Die laatste zag medekopman Paolo Savoldelli overigens knap vijfde worden, ondanks een fietswissel op de hellende aankomststrook. Jurgen Van den Broeck werd dertiende. De Belg van Silence-Lotto staat nu mooi als zestiende gerangschikt.
Wim Van Vlierberghe
Rit 11: Bertolini wint bewogen etappe naar Cesena
Vandaag was de Giro d'Italia alweer toe aan de elfde etappe. In Urbania kregen de 173 overgebleven renners het startschot te horen voor een net geen tweehonderd kilometer lange tocht. In Cesena werd de streep getrokken, op een steenworp van de geboorte- en grafplaats van Marco Pantani. De overwegend natte weersomstandigheden in combinatie met de vele dalende haarspeldbochten beloofden een spektakelstuk van jewelste. Ook Laurent Mangel (Ag2r), Pablo Lastras (Caisse d'Epargne), Tiziano Dall'Antonia (CSF Group), Jussi Veikkanen (Francaise des Jeux) en Alessandro Bertolini (Serramenti) poogden daarvoor te zorgen, en wisten in tegenstelling tot Spaans kampioen Joaquím Rodriguez (Caisse d'Epargne) en zijn Britse collega David Millar (Slipstream) wél de goeie vroege vlucht op te zetten.
Het kwintet reed tot bijna tien minuten voor het peloton uit. Op de Monte Carpegna, de zwaarste helling van de dag en ongeveer halfkoers, barstte de wedstrijd in de achtergrond los. Danilo Di Luca (LPR Brakes) deed de grupetto uiteen scheuren, waarna een groep van een twintigtal renners gevormd werd. Daarbij alle favorieten én een sterke Jurgen Van den Broeck (Silence-Lotto), maar geen Giovanni Visconti. De drager van de roze trui liet zijn Quick Stepploegmaats achtervolgen, op zestig kilometer van de streep was de hergroepering eindelijk een feit. De gevaarlijke afdaling had voor heel wat opschudding gezorgd, zowel vooraan als achteraan, maar zonder erge gevolgen.
Net voor de samenkomst van de twee pelotonnen waren Fortunato Baliani (CSF Group) en Gabriele Bosisio (LPR Brakes) in de aanval getrokken. Het duo maakte snel tijd goed op de vroege vluchters, tot laatstgenoemde erbij ging liggen. De schrik kroop in zijn benen, terwijl Baliani dapper doorging en solo de kopgroep vervoegde. Het verschil met het peloton schommelde rond de vijf minuten, terwijl het laatste wedstrijduur was aangebroken.
Dat verschil bleef status quo, tot Riccardo Riccò op een van de vele hellingen een bommetje gooide. De Saunier Duvalrenner kreeg het gezelschap van Davide Rebellin (Gerolsteiner), Gilberto Simoni (Serramenti), Alberto Contador, Andreas Klöden (Astana), Di Luca én een verbazende Van den Broeck. Ook Marzio Bruseghin (Lampre), Denis Menchov (Rabobank), Vincenzo Nibali, Franco Pellizotti (Liquigas), Paolo Savoldelli (LPR Brakes) en Emanuele Sella (CSF Group) pikten hun wagonnetje aan, terwijl de rest van het peloton weer in de achtervolging moest. De door materiaalpech geteisterde Paolo Bettini zorgde echter al snel weer voor de samenvloeiing, waardoor ploegmaat Visconti opnieuw veilig en wel mee zat.
In de afdaling naar de volgende helling werd de leider echter alweer op achtervolgen aangewezen. Hij ging samen met onder meer Piepoli, Sella en Menchov tegen de grond, terwijl de andere tenoren opnieuw een versnelling hadden ingezet. Riccò, Simoni, Di Luca, Savoldelli, Bruseghin, Rebellin, Contador en, jawel, Van den Broeck beschikten duidelijk over de sterkste benen, maar besloten toch in een omvangrijk peloton naar de aankomst te rijden. Voor de ritzege kwamen ze te laat, het zestal vooraan mocht de strijd onder elkaar uitvechten.
Lastras, Bertolini en Baliani bleken duidelijk de sterksten. Op de steile hellingen werden hun andere metgezellen een voor een gelost, maar zij waren teveel aan elkaar gewaagd om dé slag te kunnen slaan. Een sprint had moeten uitwijzen wie de ritwinnaar zou worden, ware het niet dat een losliggende kasseisteen roet in het eten gooide. Bertolini keek na de laatste bocht achterom en zag Baliani tegen de vlakte gaan. Die hinderde Lastras, waardoor de Italiaan van Serramenti de overwinning op een dienblaadje kreeg voorgeschoteld. Bertolini, vorige herfst een van dé smaakmakers in het peloton, pakte zo op zijn zesendertigste een eerste ritzege in de ronde van zijn land. Vier minuten later won Liquigasrenner Daniele Bennati de sprint van het peloton, de top van het klassement kende zodoende geen veranderingen.
Wim Van Vlierberghe
Rit 12: Bennati grijpt derde Girorit in Carpi
De twaalfde etappe in de Giro d’Italia was de op één na vlakste van de hele ronde en bracht de karavaan naar het economische hart van Italië: de Povlakte. Gestart werd er nog in de provincie Romagna, in de Romeinse stad Forli. Vlak na de start werd Romagna al verlaten en werd Emilia binnen gereden. Na 172 kilometer via steden als Bologna en Modena lag de finish in het stadje Carpi. Het parcours was een droom voor de sprinters. Quasi biljartvlak en weinig bochten zodat eventuele vluchters vroeg in het zicht komen. Hoogteverschillen waren er nauwelijks, buiten een knikje in Maranello op het Ferrariterrein, maar veel had dat niet om het lijf.
Nadat rozetruidrager en leider in het klassement Giovanni Visconti woensdag nog moest achtervolgen na een valpartij leek hij dus een rustige dag te kunnen gaan beleven in de buik van het peloton. De Italiaanse kampioen van Quick Step was niet de enige die verlangde naar een rustige dag. Ook Levi Leipheimer (Astana), Leonardo Piepoli (Saunier Duval) en leider in het bergklassement Emanuele Sella (CSF Group) likten hun wonden door een valpartij na de tumultueuze etappe naar Cesena.
Zij werden bediend op hun wenken. Meteen na de officiële start ging er één renner vandoor: Dionisio Galparsoro Martinez. De Bask van Euskaltel-Euskadi kreeg geen steun van mogelijke medevluchters en besloot dan maar een lange soloactie op poten te zetten. Het peloton liet begaan wat voor hen resulteerde in een snipperdag. Ondertussen fietste Galparsoro een maximale voorsprong bijeen van iets meer dan tien minuten. De verdienstelijke poging van de Spanjaard had vooraf weinig kans op slagen. De Belg Rik Verbrugghe deed het hem in deze Giro al eens voor, maar kon zijn werk niet succesvol afronden.
Ook het palmares van de 29-jarige Galparsoro is niet bepaald indrukwekkend te noemen. Buiten twee etappezeges in twee rittenkoersen kon hij nooit doorbreken. In zijn zesjarig profbestaan reed hij naast Euskaltel ook even voor Kaiku. Ondertussen werd in het peloton het tempo opgedreven door de troepen van Quick Step en Liquigas. Even later kwamen meer en meer ploegen met een sprinter in hun rangen vooraan helpen in het peloton in de achtervolging op de eenzaat Galparsoro. De weergoden gooiden nog wat roet in het eten, want de regen kwam met bakken naar beneden op de Italiaanse wegen.
Dat zorgde meteen voor gevaarlijke situaties in het peloton. Door een vreemd manoeuvre van Vincenzo Nibali kwamen heel wat renners ten val. Grootste slachtoffers waren de sprinters Mirco Lorenzetto (Lampre) en Erik Zabel (Milram) die de achtervolging moesten inzetten. Vooraan was het liedje van Galparsoro ondertussen uitgezongen. Dankzij perfecte timing van de knechten van de sprintersploegen werd hij gegrepen net voorbij het spandoek van de laatste tien kilometer. Het tempo werd nog verder de hoogte ingejaagd wat tot het gevolg gaf dat het peloton in twee brak. In de laatste kilometers greep High Road dan het initiatief voor hun sprinter Mark Cavendish.
Zij kwamen op het einde echter een pionnetje tekort zodat het slot tumultueus werd ingezet. Daniele Bennati ging uiteindelijk als eerste door de laatste bocht op de kasseien. De drager van de ciclamino puntentrui hield ondanks een late kattensprong van Cavendish stand en won zo zijn derde ritzege in deze Giro. Robbie McEwen kwam te laat en finishte derde. De leiderspositie van Visconti kwam niet in gevaar zodat hij ook vrijdag mag starten in de roze trui.
Jeroen Vandenbroucke
Rit 13: Cavendish imponeert met tweede ritzege
In de dertiende etappe van de Ronde van Italië kwamen de Dolomieten letterlijk in het zicht. Het gebergte werd echter bewaard voor de komende dagen zodat de sprinters voor een laatste keer kunnen meedoen voor een etappezege. Gestart werd er in Modena, vooral gekend voor haar wereldwijde reputatie van autosportmerken. Riccardo Ricco had al aangegeven een roze Ferrari te willen aanschaffen mocht hij de Giro winnen. Van daaruit ging het 177 kilometer verder tot in Citadella over een biljartvlakke weg. Op zes kilometer van de eindmeet was het wel nog even opletten want er moest dan nog een opvallend kort lokaal circuitje verreden worden buiten de stadsmuren om vervolgens weer terug te komen in het historische centrum. Bochtig en dus niet ongevaarlijk in de sprintvoorbereiding.
Finishplaats Citadella huist verder twee bekende wielrenners. Alberto Ongarato (Team Milram) en Andrea Moletta (Gerolsteiner) zagen er het levenslicht. Moletta werd onlangs wel door zijn ploeg uit de Giro gehaald omdat zijn vader werd opgepakt met een hele wagen vol Viagrapillen zodat enkel Ongarato door zijn streek mocht fietsen. Aan de start ook geen Matteo Priamo meer. De jonge Italiaan van CSF Group-Navigare die al een etappe won brak donderdag bij een val zijn elleboog. Het peloton, met nog steeds Giovanni Visconti in het roze als leider, vertrok over het middaguur in Modena met 168 renners.
Door het ideale parcours van de sprinters voltrok zich hetzelfde scenario zoals in de etappe naar Carpi op donderdag. Na de start regende het aanvallen, zelfs van Danilo Di Luca (LPR Brakes). Hij kreeg uiteraard geen vrijgeleide. Vluchters van de dag werden uiteindelijk Josu Agirre Aseginolaza (Euskaltel) en Mickaël Buffaz (Cofidis). Beide heren vonden het goed met elkaar en fietsten een mooie voorsprong bijeen. Ze bereikten op 110 kilometer van de finish dan ook een maximale voorsprong van acht en een halve minuut. De Bask Agirre vierde met deze ontsnapping trouwens zijn 27ste verjaardag. In zijn carrière mocht hij tot nu toe één maal zegevieren.
Zijn medevluchter Buffaz bouwde alvast een reputatie op als marathonvluchter. In deze Giro is hij eveneens de leider in Trofeo Fuga, die de vluchter met de meeste aanvalskilometers beloont. Zijn teller stond voor deze dertiende etappe al op 335 kilometer. Sinds 2004 kon de Fransman echter niet meer winnen. Ondertussen werd in het peloton het tempo opgedreven door de troepen van Quick Step en Liquigas. Even later kwamen meer en meer ploegen met een sprinter in hun rangen vooraan helpen in het peloton in de achtervolging op het duo Agirre-Buffaz. De weergoden gooiden net zoals donderdag nog wat roet in het eten, want in de finale begon het opnieuw te druppelen.
Op iets meer dan tien kilometer van de finish waren de twee eraan voor de moeite. Het peloton bereidde zich in volle vaart voor op een vijfde massaspurt in deze Ronde van Italië. Verschillende sprintertreintjes boksten tegen elkaar op voor de beste positie te bemachtigen want in de kleine straatjes en de vele bochten in Citadella was het nog knap gevaarlijk. Uiteindelijk was het High Road die het langst het tempo kon bepalen. In de laatste kilometer werd de spurt definitief ingezet, er vielen dan ook verschillende breuken in het peloton. ‘Régional de l’ étape’ Ongarato kwam met Erik Zabel in het wiel als eerste door de laatste haakse bocht. Maar het was Bennati die als eerste aanzette. ‘Benna’ werd langs de nadars echter voorbijgeraasd door een ontketende Mark Cavendish. Er stond geen maat op de Brit van High Road zodat zijn tweede ritzege een feit was. Bennati werd tweede, Koldo Fernandez met een laatste jump nog derde.
Jeroen Vandenbroucke
Rit 14: Sella heeft z'n ritzege beet
"De échte Giro begint met de veertiende etappe", zo klonken meerdere klassementsrenners eensgezind. Het was de eerste van vijf bergritten die allemaal in de slotweek op het programma stonden. De strijd om het roze zou vandaag dus helemaal losbarsten, met een 195 kilometer lange tocht tussen Verona en Val di Fiemme.
Tien renners kozen al snel het hazenpad, met name wereldkampioen Paolo Bettini (Quick Step), Spaans kampioen Joaquím Rodriguez, José Rujano (Caisse d'Epargne), Emanuele Selle (CSF Group), Christian Vandevelde (Slipstream), Jure Golcer (LPR Brakes), Vasil Kiryienka (Tinkoff), Rinaldo Nocentini (Ag2r), Jens Voigt (Team CSC) en Charles Wegelius (Liquigas). Een vijftiental kilometer verderop werden ze vergezeld door Kazachs kampioen Maxim Iglinsky (Astana), Francisco Perez Sanchez (Caisse d'Epargne) en Yoann Le Boulanger (Française des Jeux), waardoor een dertienkoppige vlucht met enkele klinkende namen de wedstrijd mocht kleuren. Het maximale verschil tussen de kopgroep en het peloton werd geklokt op zeven en een halve minuut.
Op de Passo Manghen ontbond Sella zijn duivels. De Italiaanse berggeit, met het groen van de beste klimmer op zijn lenden, had nog vijftigtal kilometer voor de boeg maar dat remde hem niet af. De kopgroep scheurde uiteen, Kiryienka, Rodriguez, Rujano, Golcer en Bettini waren de beste achtervolgers. Maar voor Sella vormden ze geen bedreiging meer. Op de top, met nog vierendertig kilometer te gaan, had hij een drietal minuten bijeengereden op zijn vroegere metgezellen. Het uitgedunde peloton, waarin Jurgen Van den Broeck (Silence-Lotto) een fantastische indruk maakte, kwam boven met een achterstand van maar liefst om en bij de elf minuten.
Het kon niet meer misgaan voor Sella. Na de laatste acht kilometer klimmen op de Alpe di Pampeago maakte de 27-jarige renner van CSF Group verdiend het zegegebaar. Een opsteker, na genoeg tegenslag in deze Giro verwerkt te moeten hebben. De zege in de zevende etappe ontglipte hem immers na materiaalpech, in de elfde rit verloor hij pakken tijd door een valpartij. Vier jaar geleden mocht de gevleugelde klimmer ook al eens juichen in de Ronde van Italië, toen hij etappe naar Cesena op zijn naam schreef. Kiryienka, Rodriguez, Rujano en Bettini vervolledigden vandaag op ruime afstand de top vijf. De overige vroege vluchters werden opgeraapt door de klassementsrenners.
Want ook in de achtergrond werd er gekoerst. Na het werk van LPR Brakes in dienst van titelverdediger Danilo Di Luca was het aan de troonpretendenten om hun slag te slaan. De eerste slachtoffers diep in de finale waren Marzio Bruseghin (Lampre) en Vincenzo Nibali (Liquigas). Maar even later moesten ook Andreas Klöden, Alberto Contador (Astana), Leonardo Piepoli (Saunier Duval) én Di Luca de rol lossen. Het waren Franco Pellizotti (Liquigas), Denis Menchov (Rabobank), Gilberto Simoni (Serramenti), Domenico Pozzovivo (CSF Group), Riccardo Riccò (Saunier Duval) en, jawel, Jurgen Van den Broeck die het mooie weer maakten. De jonge Belg verraste alles en iedereen en riep zelfs Pozzovivo en Pellizotti tot de orde. Maar op de versnelling van Menchov had niemand een antwoord. De Rus pakte uiteindelijk tien seconden op Pellizotti en Riccò, Simoni en Van den Broeck maakten op een zakdoek de top tien compleet. Bruseghin reed een verstandige klim en werd alsnog elfde.
Voor het roze kwamen de toppers vandaag nog te kort. Gabriele Bosisio (LPR Brakes) nam de maglia rosa over van de weggereden Giovanni Visconti (Quick Step), maar kan slechts op een voorsprong van vijf seconden op Contador rekenen. Bruseghin staat derde op minder dan een halve minuut.
Wim Van Vlierberghe
Rit 15: Roze strijd barst los achter Sella's rug
De vijftiende etappe in de eenennegentigste Giro d'Italia kreeg de stempel van 'Koninginnenrit' met zich mee, want maar liefst zes beklimmingen moesten overwonnen worden. De rit begon in Arabba en eindigde na 153 kilometer in Marmolada, telkens in stijgende lijn. Een ideale kans dus voor de gevleugelde klimmer, en zo dacht - wie anders dan - Emanuele Sella er ook over. De winnaar van de vorige etappe had opnieuw zin in een lange onderneming en gooide na twee kilometer al de knuppel in het hoenderhok.
Uiteindelijk werd een kopgroep van negen renners gevormd. Naast de Italiaan van CSF Group hadden ook ploegmaat Fortunato Baliani, Felix Cardenas (Barloworld), Vladimir Karpets (Caisse d'Epargne), Vladimir Miholjevic (Liquigas), Jens Voigt (Team CSC), de jarige Evgueni Petrov (Tinkoff) en opnieuw Paolo Bettini (Quick Step) en Joaquìm Rodriguez (Caisse d'Epargne) hun plaats opgeëist in de vlucht. De voorsprong schommelde lange tijd rond de twee minuten, het maximale verschil werd geraamd op iets minder dan drie minuten.
Op de Passo Giau, de op twee na laatste en langste klim met een lengte van vijftien en een halve kilometer, werd in de achtergrond een eerste selectie doorgevoerd. Leider Gabriele Bosisio (LPR Brakes) moest er onherroepelijk af, maar ook Andreas Klöden, Levi Leipheimer (Astana), Paolo Savoldelli (LPR Brakes) en voormalig leider Giovanni Visconti (Quick Step) kregen daar hun klop van de hamer. De rest van de favorieten kwam, ondanks enkele speldenprikken, gegroepeerd boven. In de afdaling wisten enkelen nog terug te keren, waaronder de jonge Belg Francis De Greef (Silence-Lotto). Zijn landgenoot en kopman Jurgen Van den Broeck had zich goed weten te handhaven en kon de slag op de slotbeklimming vanop de eerste rij meemaken.
Vincenzo Nibali was samen met Julio Alberto Perez Cuapio op de voorlaatste beklimming vanuit de groep der favorieten gaan aanvallen. In de afdaling maakten ze het verschil met de resterende koplopers goed, waardoor een kwintet de Passo Fedaia aansneed. Nibali (Liquigas), Rodriguez (Caisse d'Epargne) en de CSF-ploegmaats Perez Cuapio, Baliani en Sella werkten goed samen, tot bleek dat die laatste weer over de vinnige benen van daags voordien beschikte en een versnelling plaatste met nog iets meer dan tien kilometer te gaan. Niemand kon reageren, de bergkoning van deze Ronde van Italië was weer goed op weg om een ritzege weg te kapen. Het peloton, dat aangevoerd werd door Alessandro Spezialetti (LPR Brakes) en Sylvester Szmyd (Lampre), kwam niet meteen met rasse schreden dichterbij en mocht weer een kruis maken over etappewinst. De 27-jarige Sella werd vooruitgeschreeuwd en vaak tegen zijn wil in geduwd, maar fladderde verdiend naar een knappe tweede ritzege op rij.
In de strijd der klassementsrenners gaf Riccardo Riccò een goeie indruk. De kopman van Saunier Duval, die net ploegmaat Leonardo Piepoli was verloren na een valpartij, dunde met enkele tempoversnellingen de groep uit. Op een aanval van Domenico Pozzovivo, ook al van CSF Group, had niemand een antwoord, maar wat later wist ook 'Il Cobra' de rest los te gooien. Uiteindelijk scharrelde hij een handvol seconden bijeen op zijn naaste belagers, waarvan Danilo Di Luca (LPR Brakes) vandaag de sterkste was. Van den Broeck gaf een goeie minuut toe en werd eervol achtste. De Belgische revelatie plaatste zich op dezelfde plaats in het klassement, op een kleine drie minuten van de nieuwe leider Alberto Contador (Astana).
Wim Van Vlierberghe
Rit 16: Pellizotti klokt de toptijd op de Kronplatz
Vandaag stond één van de hoogtepunten van deze Giro d’Italia op het programma. De renners kregen een dertien kilometer lange klimtijdrit voorgeschoteld naar het skigebied Kronplatz. De weg die de renners zullen moeten beklimmen, werd in 2006 heraangelegd, aangezien hier nog vele onberijdbare delen te vinden waren. Toen kon, dankzij het hondenweer, het peloton niet tot de top rijden wat een zeer spijtige zaak was. Vandaag waren de goden de renners echter beter gezind met een vrij aangenaam koersweertje.
De eerste noemenswaardige tijd van de dag was diegene van de Mexicaan Julio Alberto Perez Cuapio (CSF Group). Deze hield een hele tijd stand, maar werd uiteindelijk geklopt door de kleine Venezolaanse klimmer José Humberto Rujano Guillen (Caisse d’Epargne). Emanuele Sella, dé revelatie van de bergritten in de Giro, wist deze Giro reeds twee keer een etappe mee te pikken en was tevens de bergkoning. Toch was de berggeit van CSF Group vandaag nog zeer gretig en deed hij 43 seconden van de tijd van Rujano af. Ondertussen kwam ook Belg in vorm Jurgen Van den Broeck boven vanuit het stadje Brunico. Hij klokte een voorlopige vijfde plaats en werd uiteindelijk knap twaalfde op een kleine twee minuten.
De tijd van Sella leek dé richttijd van de dag te gaan worden, maar ene Franco Pellizotti kwam verrassend genoeg zes seconden sneller boven op de Kronplatz. Men zou denken dat de Italiaan van Liquigas niet de beste klimmer uit deze Giro is, maar geen enkele andere favoriet wist deze tijd te verbeteren. Alberto Contador (Astana), de drager van de maglia rosa, werd vandaag knap vierde op 22 seconden en heeft hierdoor zijn roze trui verstevigd.
Roel Blyweert
Rit 17: Greipel krijgt Girorit op Zwitserse wegen
In de zeventiende etappe van deze Giro werd het tweede en laatste uitstapje gemaakt over de grens. Met finish in het Zwitserse Locarno bleef het peloton echter wel op Italiaans sprekend gebied. Aangezien deze etappe slechts 146 kilometer bedroeg, was er weinig tijd voor de vluchters om weg te komen. Na tien kilometer was de aanval van de dag dan ook bekend. Mikhail Ignatiev (Tinkoff), Yann Huguet (Cofidis) en Francesco Gavazzi (Lampre) wisten een maximale voorsprong van 7’50” te ontwikkelen.
Liquigas en Team High Road namen echter al snel de achtervolging op zich. De vluchters waren bijna zeker van een kansloze missie. Gavazzi wist nog wel de ploegkas te spekken door zowel de tussensprint als de bergsprint van derde categorie te winnen. Op 24 kilometer van de finish probeerde Ignatiev ook nog iets van zijn etappe te maken. Met een splijtende demarrage wist hij zijn vermoeide medevluchters achter zich te laten, maar de wanhoopspoging was niet sterk genoeg om de sprintersploegen nerveus te krijgen. Op vier kilometer van het einde slokte het peloton de Tinkoffrenner op.
Het verwachtte duel tussen de sprinters Mark Cavendish (High Road) en Daniele Bennati (Liquigas) kon dus beginnen. Gedurende de laatste kilometers was het constant Team High Road dat op kop reed. De ploeg wist zo hun Britse sprinter goed door het bochtige parcours te loodsen. In de laatste honderd meter trok André Greipel als laatste de sprint aan. Toen Cavendish echter zag dat zijn ploeggenoot niet meer ingehaald kon worden besloot hij de benen stil te houden. Zo kreeg de Duitser de etappe cadeau en blijf hij zijn gulle gever Cavendish en de teleurgestelde Bennati voor. De top van het klassement wijzigde niet.
Jelle Berghuis
Rit 18: Jens Voigt rijdt solo naar zege in Italië
De op drie na laatste etappe in de Giro d'Italia hoorde het startschot in Mendrisio. Van daar, waar volgend jaar de wereldkampioenschappen worden afgewerkt, trok men over een parcours van 147 kilometer naar Varese. Toevallig de gaststad voor de mondiale titelstrijd dit seizoen.
Na acht kilometer al ging een groep van een dozijn renners er vandoor. Daarbij enkele favorieten voor de dagzege, waaronder Paolo Bettini (Quick Step), Joaquím Rodriguez (Caisse d'Epargne) en Daniele Bennati (Liquigas). Ook ex-rozetruidragers Giovanni Visconti (Quick Step) en Gabriele Bosisio (LPR Brakes) schoven mee.
Het Italiaans was de voertaal in de kopgroep, maar na enkele speldenprikken was het Voigt die, op zesendertig kilometer van de finish, alleen wegreed. Het peloton had dan al een erg grote achterstand. Rinaldo Nocentini (Ag2r), Giovanni Visconti (Quick Step) en Gabriele Bosisio (LPR Brakes) probeerden de kloof nog te dichten, maar dat lukte niet. In de slotfase liep de Duitser alleen maar verder uit.
Op een dikke minuut van de ritwinanar won Visconti de spurt voor de tweede plaats, voor Nocentini en Bosisio. Bennati verstevigde even later zijn eerste plaats in het puntenklassement door wereldkampioen Bettini te kloppen in een prestigesprintje. Het peloton, onder leiding van leider Alberto Contador zelf, kwam op bijna acht minuten binnen.
Jonas Truwant
Rit 19: Derde keer, goeie keer voor Kiryienka
Wie doet er nog een gooi naar het roze? Wie zet de Giro alsnog naar zijn hand? Of simpeler: wie ging vandaag met de etappezege lopen? Met die vragen in het achterhoofd trok de Girokaravaan in Legnano de negentiende rit op gang. Een kleine tweehonderddertig kilometer later, waarvan de laatste vijfenzeventig in het gebergte, kwamen de renners op de in Presolana gelegen Monte Pora aan.
Zeven renners kleurden het gebeuren van meet af aan. Steven Cummings (Barloworld), Nicki Sørensen (Team CSC), Kanstantsin Siutsou (High Road), Vasil Kiryienka (Tinkoff), Gabriele Missaglia (Serramenti), Alexander Efimkin (Quick Step) en Giairo Ermeti (LPR Brakes) sloegen de handen in elkaar en reden maar liefst eenentwintig minuten weg van de grupetto! Pas met de beklimmingen in zicht begon dat verschil te zakken, de 'grote kannonnen' gaven dus opnieuw de zege in een bergrit uit handen.
Op zestig kilometer van het einde probeerden Emanuele Sella, ploegmaat Julio Alberto Perez Cuapio (CSF Group) en Antonio Colom (Astana) hun slag te slaan. Het trio reed een half minuutje bijeen op het uitdunnende peloton, maar een tiental kilometer verderop werden ze weer bij de kraag gevat. Met nog zesendertig kilometer voor de boeg bracht LPR Brakes een collectieve aanval op gang. Paolo Savoldelli versnelde met kopman Danilo Di Luca aan zijn zijde, enkel Vincenzo Nibali van het concurrerende Liquigas glipte mee. Wat later raapten ze ploegmaat Ermiti op, waardoor ze met z'n drieën een serieuze 'putsch' op gang brachten. Niet veel later ging Di Luca er alleen vandoor.
Vooraan viel de koers in zijn definitieve plooi. Kiryienka had meer moeite met technische problemen dan met zijn tegenstanders, op de voorlaatste beklimming liet hij ze achter. De bijna 27-jarige Wit-Rus, die ook naam maakt op de piste en dit jaar wereldkampioen puntenkoers werd, probeerde al tweemaal in deze Ronde van Italië een ritzege te grijpen, maar telkens kwam hij één sterker iemand tegen. Derde keer, goeie keer dan maar, de renner van het ambitieuze Tinkoff greep zijn vooralsnog mooiste zege op de weg.
Een paar kilometer terug was de roze oorlog volledig losgebarsten. Hét slachtoffer van de dag was Gilberto Simoni (Serramenti), die minuten verloor. De anderen streden man tegen man op de slotklim, Riccardo Riccò (Saunier Duval) bleek de sterkste en de eerder aangevallen Danilo Di Luca de slimste. Beiden kwamen ze echter net te kort om het roze van Astanarenner Alberto Contador af te pakken, die met nog een bergetappe en de afsluitende tijdrit te gaan verre van zeker is van eindwinst. Jurgen Van den Broeck deed het opnieuw goed, de Belg van Silence-Lotto klom met de besten mee en werd achtste.
Wim Van Vlierberghe
Rit 20: Bergkoning Sella pakt derde ritzege
De Giro d'Italia was vandaag aan haar laatste rit in lijn toe. Met de afsluitende tijdrit in het vooruitzicht was het meteen ook de laatste kans voor de klassementsrenners om op een gewone fiets hun slag te slaan. Die kans diende zich aan tussen Rovetta en Tirano, op een parcours van niet minder dan 224 kilometer. Onderweg doken met de Gavia en de Mortirolo twee legendarische klimmen op, genoeg gelegenheden dus om tijd te pakken of te verliezen.
De wedstrijd begon gesloten, tot Gabriele Bosisio na een zeventigtal kilometer het hazenpad koos. De voormalige drager van de maglia rosa begon solo aan de voet van de Gavia, waar hij afgelost werd door de twee Belgen Kevin Seeldraeyers (Quick Step) en Francis De Greef (Silence-Lotto), Evgueni Petrov (Tinkoff), José Rujano (Caisse d'Epargne), Antionio Colom (Astana), Charles Wegelius (Liquigas), Felix Cardeñas (Barloworld), Fortunato Baliani en Julio Alberto Perez Cuapio (CSF Group). Die laatste bereikte de top van het met sneeuw bezaaide 'dak' van deze Ronde van Italië, het peloton der favorieten kwam ongeveer vijf minuten later boven. Samen met ploegmaat Baliani en Colom reed hij zes minuten voor het grote pak uit, dat de andere vluchters alweer snel bij de kraag had gevat.
Perez Cuapio moest zich nog voor de Mortirolo gewonnen geven, op de beruchte klim - met het monument ter ere van Marco Pantani - zelf moest ook Baliani de Spanjaard Colom laten gaan. Die reed solo naar de top, terwijl de wedstrijd in de achtergrond losbarstte. Gilberto Simoni (Serramenti), daags voordien nog de grote verliezer, plaatste meermaals een tempoversnelling. Uiteindelijk waren enkel leider Alberto Contador (Astana), Riccardo Riccò (Saunier Duval), Denis Menchov (Rabobank), Emanuele Sella, Domenico Pozzovivo (CSF Group) en Joaquìm Rodriguez (Caisse d'Epargne) bij machten om hem bij te benen. De Belgische hoop Jurgen Van den Broeck (Silence-Lotto) kon zich met de steun van Marzio Bruseghin (Lampre) in de afdaling weer vooraan handhaven, wat later kwamen ook Franco Pellizotti (Liquigas) en Tadej Valjavec (Ag2r) aansluiten. Van Danilo Di Luca (LPR Brakes) geen spoor meer, de titelverdediger zou minuten verliezen en verloor alle kansen op eindwinst.
Baliani en Colom werden ook bijgebeend, een groep van dertien renners ging de finale in. Sella kon zoveel gezelschap echter niet verdragen, op de beklimming naar Aprica viel de bergkoning aan. De achtervolging kwam niet echt op gang, ondanks verwoede pogingen van Bruseghin. Ook Simoni en Spaans kampioen Rodriguez kwamen te kort, de 27-jarige Italiaan reed naar zijn derde ritzege en duikelde zelfs de top vijf binnen. Het groepje der favorieten gaf onder aanvoering van Riccò uiteindelijk een halve minuut prijs. Van den Broeck en Pozzovivo kwamen op een steenworp van de streep ten val, maar konden beiden al wandelend de rit afwerken.
Met enkel nog de slotrit tegen de klok te gaan lijkt Contador vrij zeker van eindwinst. Enkel een slechte dag en een fantastische Riccò kan de vier seconden voorsprong omzetten in een achterstand. Bruseghin is door het wegvallen van Di Luca vrij zeker van een podiumplaats, Van den Broeck kan mits een uitstekende tijdrit nog voorbij diezelfde Di Luca naar de zevende plaats stijgen.
Wim Van Vlierberghe
Rit 21: Contador koning van Italië
Achtentwintig en een halve kilometer. De afstand van de allerlaatste opdracht in de eenennegentigste Giro d'Italia; een licht dalende tijdrit richting Milaan. De strijd om de maglia rosa lag nog open, maar met een voordeel van vier seconden voor Alberto Contador ten opzichte van Riccardo Riccò mocht je er bijna vanuit gaan dat de Spanjaard eindwinst op zak had.
Zoals verwacht was Mikhail Ignatiev de eerste die een sterke tijd klokte met 32'55". Maar Tony Martin, een ander groot talent tegen de klok, deed nóg drie seconden beter. Voor de Duitser van Team High Road was het uiteindelijk wachten op ploegmaat Marco Pinotti om van de troon gestoten te worden. De Italiaanse kampioen in deze discipline liet 32'45" optekenen en leek plots zelfs de topfavoriet voor de ritzege. De wind speelde de daaropvolgende renners immers meer dan parten. Uiteindelijk kon niemand de tijd van de 32-jarige Italiaan nog bedreigen, waardoor Pinotti achteraf dolgelukkig het podium op mocht.
Maar daarmee was het laatste nog niet gezegd. De krachtverhoudingen binnen de top tien lagen alles behalve vast, en de eerste die dat bewees was Jurgen Van den Broeck. De 25-jarige Belg van Silence-Lotto, tevens dé revelatie in deze Ronde van Italië, ging op en over Danilo Di Luca (LPR Brakes) en kwam daarmee uit op een onverhoopte zevende plek in het eindklassement. Ook Denis Menchov schoof op, de Russische rondekopman van Rabobank deed zoals verwacht beter dan bergkoning Emanuele Sella (CSF Group). Razend spannend was de strijd om plek drie. Franco Pellizotti (Liquigas) moest vijf seconden goedmaken op Marzio Bruseghin (Lampre) en deed dat al aan het eerste tussenpunt. Maar 'de Ezelkweker' versterkte iets naar het einde toe, en kon uiteindelijk zijn podiumplek handhaven.
Het gevecht om het roze was, ondanks de moed en het vertrouwen van Riccardo Riccò, geen gevecht meer te noemen. Alberto Contador was zelfs nog de enige die iets of wat in de buurt kwam van de besttijd, hij lapte het goudhaantje van Saunier Duval bijna twee minuten extra aan de broek. Voor de nog altijd maar 25-jarige Spanjaard van - het in extremis uitgenodigde! - Astana was dit zijn tweede eindzege in een grote ronde, nadat hij vorig jaar de Tour de France op zijn naam schreef. Het laatste van hem is duidelijk nog niet gehoord.
Wim Van Vlierberghe |
|
| |
|
|
|
|
wieleruitslagen.be
|