Zondag is het al Ronde van Vlaanderen wat de klok slaat. WVcycling kan uiteraard niet achterblijven, en staat een week lang in het teken van de 92e 'Vlaanderens Mooiste'.
Deze keer belichten we een van de zwaarste aspecten van de Ronde, namelijk het ...
Start
Brugge. Al eeuwen de hoofdstad van West-Vlaanderen. Behalve op één dag, een zondag in april. Dan ontspringt in de historische stad ‘Vlaanderens Mooiste’, en wordt ‘Die Schone’ omgedoopt tot hoofdstad van de Vlaamse wielrennerij. Al vroeg in de ochtend is het koppen lopen in de pittoreske stad, gevuld met duizenden wielerliefhebbers. Allemaal op zoek naar een handtekening, een foto of de gemoedelijke sfeer. Bij de start van editie 92 zal het zondag niet anders zijn, wat de weergoden ook in petto hebben. Op de Grote Markt zal echter slechts een habbekrats van het wielergekke publiek staan. De rest maakt zich dan al op om het ideale plekje te vinden langs de rand van het parcours, dat dit jaar 264 kilometer telt. Omstreeks kwart voor tien worden de renners uitgewuifd, hopend op een waar spektakelstuk.
Dorp van de Ronde
Na de start gaat het meteen zuidwaarts. Via Torhout, Roeselare, Kuurne en Kortrijk bereiken we Bellegem, een kleine West-Vlaamse gemeente die zich dit jaar ‘Dorp van de Ronde’ mag noemen. Het is immers exact vijftig jaar geleden dat Germain Derycke, hier geboren, het zegegebaar mocht maken in de Ronde. Naast ‘Vlaanderens Mooiste’ prijken ook Milaan-Sanremo, Parijs-Roubaix, de Waalse Pijl én Luik-Bastenaken-Luik op het palmares van Derycke. Helaas zal ‘Mentie’ de festiviteiten in zijn geboortedorp niet meemaken want hij overleed veel te vroeg op amper 48-jarige leeftijd, nu al dertig jaar geleden. Maar dat Derycke nog lang niet vergeten is, zal zondag in Bellegem blijken.
De heuvelzone
Eens de Oost-Vlaamse grens overschreden is, begint het echte werk. Er staan dit jaar zeventien hellingen op het menu, dat is eentje minder dan vorig jaar. De Kluisberg mag dit jaar de spits afbijten. Via Nokereberg gaat het dan richting de Paddenstraat, een nijdige stenenstrook waar vaak al eens getest wordt. Na de Molenberg, de kasseistrook van Kerkgate en de Wolvenberg wordt de renners een korte ‘rustperiode’ gegund. Het peloton krijgt dan even de tijd om zich te reorganiseren, in aanloop naar de Oude Kwaremont.

Na de Kwaremont wordt het ongetwijfeld weer een hectische boel op de Paterberg, waar zich ieder jaar een massa volk verzamelt. Om de veiligheid de garanderen zal de politie daar extra mensen inzetten. Vervolgens wacht een oude bekende de renners op: de gevreesde Koppenberg. Na een jaartje afwezigheid werd besloten om ‘de Bult van Melden’ toch weer in het parcours op te nemen, tot vreugde van de supporters. Twee jaar geleden demonstreerde een superieure Tom Boonen daar zijn kunnen, terwijl het gros van het peloton voet aan de grond moest zetten, op de steile stroken van 22%.
Nadien gaat het richting twee andere hellingen met kasseien: de Steenbeekdries en de Taaienberg. Na Berg Ter Stene komt de Haaghoek aan de beurt, waar Fabian Cancellara vorig jaar een veel te vroege aanval plaatste op de kasseien. Dan staan enkele geasfalteerde hellingen op het programma, met de Leberg, de Berendries en de Valkenberg. Op laatstgenoemde forceerde Leif Hoste in 2006 de beslissing, Boonen was de enige die zijn wiel kon bijhouden. Dan volgen Tenbosse en de Eikenmolen, waarna er nog vijfentwintig kilometer moeten afgelegd worden.
De apotheose
Richting Geraardsbergen weten de renners maar al te goed wat hen opwacht: de Muur. O zo steil, vooral met 240 kilometer in de benen. Vorig jaar voerde Alessandro Ballan hier een mooi nummer op. Maar wie hier geen reserves meer heeft, kan de zege vergeten. Eventueel valt er nog een kloofje te dichten richting de Bosberg, de laatste helling van de dag. Maar eens die achter de rug is, wordt terugkomen quasi onmogelijk. Met de streep op de Hallebaan in zicht, steken tactische spelletjes de kop op. Het gat laten vallen, schijndemarrages, in het wiel blijven, … Het hoort er allemaal bij. Het gaat immers nog altijd over één van de meest begeerde koersen van het jaar, een zege in Meerbeke vergeet men nooit meer. Maar dat geluk is ook dit jaar maar voor één iemand weggelegd: dé held van 6 april.
GERELATEERD AAN:-
Ronde van Vlaanderen