De voorbije jaren nam het aantal voertuigen in de wielerkaravaan met enorme hoeveelheden toe. Ideale mikpunten voor renners in het heetst van de strijd. Even lekker uit de wind zitten en met enkele kilometers per uur extra gelanceerd worden om die finale aanval in te zetten. Maar is dat geen koersvervalsing? Bovendien kan een teveel aan motoren ook averechts werken. Een teveel aan motoren zet soms een ‘natuurlijke’ muur op, waardoor een renner moet inhouden of moet beginnen slalommen. In het slechtste geval maaien ze de renners gewoon van de baan - vraag dat maar aan Leif Hoste na de Parijs-Roubaix van 2007. Kan dat allemaal zomaar?
Dat zoiets niet ongestraft kan blijven, bleek uit de finale van Dwars door Vlaanderen anno 2006 waar het koersverloop écht werd bepaald door externe factoren. Op enkele meters voor het einde bleven nog twee wagens (ploegleiderwagen van Walter Planckaert en de neutrale wagen) én vijf motoren voor eenzame vluchter Frederik Veuchelen hangen, waardoor het peloton onmogelijk op een normale manier aan de sprint kon beginnen. “Nog even en ik spurtte me in de kofferbak”, liet een duidelijk gefrustreerde Boonen toen weten.
Gent-Wevelgem van 2005 was op dat gebied nog schandaliger. Nico Mattan remonteerde in extremis de ontsnapte Juan Antonio Flecha en maakte daarbij gebruik van enkele motoren en de neutrale wagen. Iets wat Mattan later toegaf. Maar het kwaad was wel geschied. “In normale omstandigheden win ik hier… daar zijn zaken gebeurd die niet door de beugel kunnen”, liet Flecha onlangs nog weten over die editie. “In de laatste kilometers mogen er tussen de koploper en de achtervolger nooit wagens rijden.”
”Dit kan niet!”
Dit jaar was het weer van dat. In de rechtstreekse editie van Gent-Wevelgem, dat toch al een kwalijke editie kende, kwamen meer motoren dan renners in beeld. Kurt-Asle Arvesen had weinig reden tot klagen. In het zog van de fotografen en zelfs de wagen van de politie was het toch lekker vertoeven, niet? Koersdirecteur Hans de Clercq was er het hart van in. “Dit kan niet, hier moeten oplossingen voor gezocht worden. Een vermindering qua aantal fotografen is een optie.”
In de Ronde van Vlaanderen werd Sergey Lagutin omver geknald door een gemotoriseerd rijtuig, terwijl onder andere Sylvain Chavanel en Stijn Devolder de weg werd versperd. Sebastian Langeveld en Juan Antonio Flecha werden in hun achtervolging op leider Devolder dan weer volop bijgestaan door de mannen op de motor.
De tweede etappe van de Ronde van Turkije was het toppunt in dit alles. In de laatste kilometer schoven tientallen wagens aan om tijdig de afslag naar de parking te nemen, maar hadden daarbij nauwelijks oog voor de renners. Terwijl enkele wagens nog vlug vlug een poging ondernamen om de afslag te nemen, kwam de sprintende meute al volop opzetten. De renners moesten rechts van de wagens, in een smalle doorgang, zich trachten recht te houden. Het scheelde niet veel of een van de wagens ramde de renners vol in de flank. De achtervolgers en koplopers moesten inhouden en de wedstrijd eindigde in een fiasco.
Dit zijn beelden die enkel een ramptoerist wil zien… niet een neutrale koersliefhebber. Ok, er moeten foto’s getrokken worden en de veiligheid voor de renners en volgers moet gegarandeerd worden, maar dit mag niet ten koste gaan van het tegendeel. Bovendien wil de kijker een faire strijd zien… gelieve daar in de toekomst rekening mee te houden!
GERELATEERD AAN:-
International Presidency Turkey Tour